Paragliding

Opleidingen

In Nederland kan je leren vliegen aan het duin of met een lier. De meeste scholen bieden ook cursussen aan in de bergen. Tijdens je opleidingsfase word je via de radio begeleid. Wil je in de toekomst zelf bepalen waar en wanneer je vliegt dan heb je een brevet nodig, een zogenoemd Paragliding PilotLicense (PgPL) Om dat te halen moet je een landelijk theorie-examen doen en in de praktijk je luchtwaardigheid kunnen aantonen.

Schermafbeelding 2018 08 06 om 10 06 03

Paragliden kan je leren bij door de KNVvL afdeling Paragliding erkende scholen. De Instructeurs van deze scholen hebben een door de NOC*NSF geaccrediteerde opleiding gevolgd.

Omdat er drie startmethodes zijn, wordt er voor iedere methode een apart brevet uitgegeven: Liervliegen, Soarvliegen, Bergvliegen. Voor elke manier van vliegen heb je dus een apart brevet nodig. Wil je onafhankelijk van een school vliegen in ieder geval Brevet 2, wil je grotere afstanden vliegen Brevet 3. De KNVvL-PgPL-brevetten voor bergstart en lierstart worden internationaal erkend op basis van de zogenoemde IPPI-systematiek.

Brevet 1 (PgPL-1)

De opleiding paragliding begint met de gecombineerde praktijk- en theorieopleiding voor PgPL-1. Als je begint met soaren of lieren dan is de opleiding in Nederland. Als je kiest voor bergvliegen is de opleiding in het buitenland.

In deze cursus leer je hoe je de paraglider kunt opzetten, starten, sturen en landen. Thema's als aerodynamica, materiaalkunde, vliegpraktijk, meteorologie en regelgeving worden besproken. Je maakt minimaal 15 vluchten waarvan in ieder geval 5 voor de gekozen startmethode. Als blijkt dat je voldoende basiskennis hebt van de theorie en de praktijk, geeft de vliegschool een bewijs af waarmee je PgPL-1 kunt aanvragen bij het KNVvL Examen Instituut (KEI). Je moet dan wel al lid zijn van de afdeling paragliding. Je mag met dit bewijs nog niet zelfstandig vliegen. Wel kun je verder leren voor PgPL-2.

Brevet 2 (PgPL-2)

Om je PgPL-2 bij het KNVvL Examen Instituut (KEI) aan te vragen heb je een theoriecertificaat nodig en een luchtwaardigheidsverklaring.

Dat theoriecertificaat behaal je door deel te nemen aan het landelijk georganiseerde theorie-examen. Om hiervoor in te schrijven moet je wel al lid zijn van de afdeling paragliding. Je kunt het certificaat onafhankelijk van je praktijkopleiding halen; na het behalen blijft het twee jaar geldig. De theorielessen worden door de scholen gegeven tijdens je opleiding voor PgPL-2.

Je luchtwaardigheidsverklaring krijg je als je tenminste 40 vluchten hebt gemaakt, verschillende oefeningen en taken hebt gevlogen die zijn afgetekend door de school én -heel belangrijk- als de school vindt dat je voldoende kennis hebt en vaardigheden beheerst om veilig te vliegen. Zorg dat je je luchtwaardigheidsverklaring haalt binnen twee jaar nadat je je theoriecertificaat gehaald hebt.

Je behaalt het PgPL-2 eerst in de discipline waarmee je hebt leren vliegen, dus liervliegen, bergvliegen of soaren. Daarna zijn er over en weer reductieregelingen met een minimum aantal benodigde vluchten om voor de andere disciplines ook een paraglidingbewijs te halen. Het theorie-examen hoef je niet opnieuw te doen.

Met PgPL-2 mag je zelfstandig met een beperkte afstand van je startlocatie vliegen. Zorg ook dat je inmiddels lid bent van de afdeling paragliding, dan ben je namelijk voor het vliegen wa-verzekerd (verplicht). Wil je ook van A naar B gaan vliegen (overlandvliegen), dan kun je doorgaan voor PgPL-3 voor lier en/of bergvliegen.

Brevet 3 (PgPL-3)

Een praktijkopleiding bij een vliegschool is hiervoor niet nodig, maar wel een apart theoriecertificaat voor PgPL-3. Extra kennis van ondermeer de luchtruimindeling en -regelingen is noodzakelijk. Voor die theorie kan je bij een school terecht, zelf leren is ook een optie. Het theoriecertificaat behaal je door deel te nemen aan het landelijk georganiseerde theorie-examen. Ook nu geldt dat het certificaat twee jaar geldig blijft. Binnen die twee jaar moet je dan voldoende overlandvluchten hebben gemaakt.

In de exameneisen staat omschreven aan welke voorwaarden je vluchten moeten voldoen om te kunnen worden aangemerkt als overlandvlucht. En één van de extra praktijkeisen is dat je ook buiten het gangbare landingsveld veilig moet kunnen landen. Een deel van de overlandvluchten en vaardigheden moet door een instructeur zijn afgetekend. Heb je alles verzameld dan kun je bij het KNVvL Examen Instituut (KEI) je PgPL-3 voor lier- en of bergvliegen aanvragen.

Een PgPL-3 voor de soaren bestaat niet.

___________________________________________________________

Aantekeningen

Je kunt je brevet uitbreiden met extra aantekeningen. Wil je zelf ook anderen begeleiden en opleiden, kijk even bij kaderopleidingen. De link voor alle officiële beschrijvingen en documenten, vind je onderaan deze pagina.

Lieroperator 

Veel lierclubs en scholen zijn blij met Lieroperators. Als er meer zijn, kan deze taak onder de leden verdeeld worden waardoor alle piloten meer aan vliegen toekomen. Je wordt opgeleid door een Opleidingsbevoegde Lieroperator. En je hebt sowieso ook als piloot minimaal 100 hoogtevluchten met lierstart nodig.  

Tandempiloot

Wil je ook graag tandemvliegen zodat je familieleden, vrienden mee kunt nemen of een school of club helpen met tandemvluchten? Dan heb je een speciale aantekening nodig. Om het te leren heb je PgPL-3 nodig. Verder moet je minimaal 200 hoogte- of soarvluchten, of 200 vlieguren hebben. De aantekening is alleen geldig in combinatie met je PgPL-3 en de betreffende startmethode.

Terug naar boven
Luchtsporten Nieuws Over KNVvL Kenniscentrum Contact
Paragliding
Introductie Paragliding Plus Opleidingen Lesvideo's Veiligheid Ledenservice Afdeling Visiting-pilots Nieuws Kalender Lid worden Contact