In reactie op een interview van Officier van Justitie mevrouw Schlingemann-Hovig van het Openbaar Ministerie Noord-Holland in het tijdschrift ‘Op de Bok’ (het maandblad van de Vereniging van Nederlandse Verkeersvliegers) heb ik haar de volgende reactie gestuurd :

Geachte mevrouw Schlingemann-Hovig,

Als Coordinator PR & Sport van de afdeling Drones van de Koninklijke Nederlandse Vereniging voor Luchtvaart en lid van de brancheorganisatie DARPAS zou ik graag op korte termijn met u eens nader van gedachten willen wisselen inzake het hobbymatig maar zeer zeker ook het profesionele gebruik van RPAS systemen (in de volksmond drones genoemd).


Uw uitspraak : " Die drones. Daar heeft de overheid eigenlijk de boot een beetje gemist. Ze hebben eerst gedacht: dat loopt wel los, het zijn net modelvliegtuigjes." klopt niet echt. Wij van de KNVvl ism Ministerie van Infrastructuur en Milieu en DARPAS zijn al maanden bezig om een duidelijk onderscheid te maken tussen de "klassieke" modelvlieger en de "amateur"- en "professionele" Drone Vlieger. Volgende week is daar op het Ministerie van I&M wederom een vervolgsessie voor gepland.
Drones zijn niet alleen een bedreiging, zoals u dat verwoord, maar kunnen in een groot aantal gevallen, mits veilig en deskundig bestuurd ook een welkome aanvulling zijn in de zakelijke dienstverlening en een nieuwe vorm van modelvliegsport worden (zijn).

Ik hoop snel van u te horen.

Rik Bijl
Coordinator PR & Sport van de afdeling Drones van de Koninklijke Nederlandse Vereniging voor Luchtvaart
COO Euro Drone Inspections bv - lid van DARPAS