BESLUIT:

Artikel 1
Ten behoeve van het testen van de specificaties van een nieuwe wolkenhoogtemeter in het KNMI waarneemnetwerk wordt ontheffing verleend van het verbod om een kabelballon te gebruiken boven de in artikel 2, onderdeel a, van de Regeling kabelvliegers en kleine ballons voorgeschreven maximum hoogte van 100 meter boven de grond of het water, onder de volgende voorschriften en beperkingen:

a. de kabelballon mag in afwijking van artikel 2, onderdeel a, van de Regeling kabelvliegers en kleine ballons worden opgelaten tot een hoogte van maximaal 1000 ft AGL (305 meter boven de grond of het water) bij een wolkenbasis van ongeveer 1000 ft AMSL;
b. deze ontheffing geldt voor de lokatie in De Bilt met de positie 52°05'59"N en 005°10'38"E;
c. de ontheffing geldt voor de uniforme daglichtperiode (UDP), gepubliceerd in de luchtvaartgids onder GEN 2.7 (zie www.ais-netherlands.nl) tot en met 27 april 2017;
d. de ballon mag alleen hoger dan 100 meter boven grond of water komen wanneer het vliegzicht 5 kilometer of meer bedraagt en de kabel en ballon maximaal zichtbaar worden gemaakt voor luchtvarenden;
e. de organisatie laat ten minste 3 dagen voor de verwachte oplating een NOTAM uitgeven bij AOCS NM, telefoon 0577 45 83 27;
f. de organisatie neemt ten minste 30 minuten voor het oplaten van de ballon en direct na het neerhalen ervan contact op met de Supervisor van AOCS NM (tel. 0577-458700) en blijft tijdens de uren dat de ballon ‘in de lucht staat’ telefonisch bereikbaar voor de Supervisor via een door de organisatie bekend te maken telefoonnummer;
g. aanwijzingen van de Landelijke eenheid, afdeling Luchtvaart, AOCS NM LVL of de Inspectie Leefomgeving en Transport, al dan niet gegeven via de onder f genoemde Supervisor, in het kader van de veiligheid van het luchtverkeer, worden nagekomen.

Lees de beschikking.