Officiële website van de Koninklijke Nederlandse Vereniging voor Luchtvaart

Volg ons op  Twitter  Facebook  Vimeo  

Irene Wols (2015)

Helpt zweefvliegen om verkeersvlieger te worden?

Afgelopen weken waren de introducties voor de nieuwe iFly!-ers bij vliegschool EPST. Daar gaf ik als oud iFly!-ster een presentatie over mijn ervaringen als zweefvliegster. Hiermee wilde ik deze nieuwe jeugdleden alvast voorbereiden op hun toekomstige ervaringen. Het idee achter de iFly!-regeling is dat jongeren door middel van het zweefvliegen kennis maken met vliegen, zodat ze later betere piloten kunnen worden.

Toen ik tien jaar oud was besloot ik dat ik later piloot wilde worden. Om alvast wat te kunnen oefenen kreeg ik van Sinterklaas een setje voor flightsimulator. Samen met mijn vader heb ik me hier drie jaar lang druk mee bezig gehouden. In het begin vooral met kleine vliegtuigen, maar later ook met grote passagiersvliegtuigen. Eerst de MD-11, later de Boeing 737 en daarna de Boeing 777. Vooral van het vliegen met de passagiersvliegtuigen heb ik erg veel geleerd. In flightsimulator waren deze namelijk dusdanig goed nagemaakt dat ze precies hetzelfde functioneren als de echte vliegtuigen. Samen met mijn vader heb ik hier alles van uitgezocht, waaronder bijvoorbeeld de werking van hydraulische systemen, de autopilot en de klimaatbeheersing.
Op mijn dertiende kon ik dus zonder problemen een 737 landen, althans ik kon de autopilot een 737 laten landen. Thuis, achter de flightsimulator, oefenden we soms ook met het landen van grote vliegtuigen zónder autopilot. Als de weerinstellingen op ‘mooi weer’ stonden lukte zo’n landing meestal wel, maar met bijvoorbeeld zijwind was die kans een stuk kleiner. Ik miste het ‘vlieggevoel’.

Twee jaar geleden kwam ik terecht bij een presentatie van Vliegclub Hoogeveen. Het zweefvliegen leek mij hierna zo leuk dat ik, samen met mijn vader, lid ben geworden. Ik had het geluk dat ik mee kon doen in de iFly!-regeling. Dit was voor mij de kans om te gaan werken aan mijn ‘vlieggevoel’. Door mijn ervaring met flightsimulator verwachte ik dat ik al een flinke voorsprong zou hebben op de rest. Dat bleek niet helemaal te kloppen. Zo hoorde ik bijvoorbeeld vaak dat ik mijn voetpedalen te weinig gebruikte. Dit blijkt vaker voor te komen bij degenen die veel met flightsimulator gevlogen hebben. Met het leren van mijn theorie heeft mijn flightsimulatorervaring wel enorm geholpen. Veel dingen die ik hiervoor moest leren wist ik namelijk al.

Inmiddels ben ik zo druk bezig met zweefvliegen dat flightsimulator voor mijn een beetje op de achtergrond is geraakt. Maar, nadat ik mijn verhaal aan de nieuwe leden had verteld, mocht ik een vluchtje maken in een van de professionele 737 simulatoren van EPST. Ook de landing, die ik zelf moest maken, ging behoorlijk goed. Ik kreeg als enig commentaar dat ik teveel voetenstuur gebruikte, maar dat is voor een zwever dan ook niet vreemd. Voor mijn gevoel had ik het vliegtuig beter onder controle dan twee jaar geleden, toen ik als iFly!-ster ook een vluchtje op deze simulator mocht maken. Dat de landing beter lukte zou zomaar door mijn zweefvliegervaring kunnen komen.

Als klein meisje wilde ik piloot worden. Nu, vijf jaar later, weet ik niet of ik in mijn toekomst verkeersvlieger zal worden. Maar piloot ben ik al, dus die droom is uitgekomen. En ik denk dat zweefvliegen voor mij een goede basis is als ik later toch nog verkeersvlieger wil worden.

Verhaal van Irene Wols, iFly!-er.

Deel dit artikel: Facebook Twitter

locaties meer info